| |
|
In
de media
Uit de Telegraaf van vrijdag 22 juli 2005
Posthuma kijkt uit naar Parijs
Nog een tijdrit en de eretocht naar de Champs-Elysées en zijn eerste Tour zit erop. Joost Posthuma kijkt tevreden terug op zijn debuut in de Ronde van Frankrijk. "Het is meegevallen. Nou ja, relatief dan."
Vrijwel moeiteloos paste Posthuma (24) zich de afgelopen weken aan aan de wetten van de Tour, waarin alles anders, alles groter en alles sneller is. " Er is vooraf zo'n enorm schrikbeeld gecreëerd dat het eigenlijk alleen maar kon meevallen. Maar veel van wat er gezegd wordt, klopt wel. Er wordt gewoon verschrikkelijk hard gereden. Ook nu nog, in de laatste dagen."
Vorig jaar reed hij zijn eerste grote ronde, de Ronde van Spanje. "Het grootste verschil was misschien wel hoe er in de Tour wordt gekoerst vlak voor een beklimming. Hier is het dringen, gaat het tempo geweldig omhoog. In de Vuelta zijn het voor een klim rechte brede wegen en vindt iedereen gewoon zijn plaats."
De verbazing was hij al snel voorbij. Posthuma had zich goed voorbereid. " Ik was ernaartoe gegroeid. Ik denk dat ik er wel klaar voor was." En hij had de meevaller deel uit te maken van een Rabo-team dat succesvol was. " Dat is natuurlijk zeldzaam, dat je in je eerste Tour meteen zulke successen beleeft. Twee ritzeges voor de ploeg, de bergtrui en de derde of vierde plaats in het eindklassement voor Rasmussen. We reden ergens voor, dat maakt het werken in een ploeg een stuk aangenamer."
Donderdag in de finale van de achttiende rit reed hij lange tijd naast Lance Armstrong. "Toch weer iets nieuws voor mij. Ik moest Rasmussen uit de wind houden en hem in de finale voorin afzetten." Het zijn de laatste krachten die worden aangeboord. Zaterdag wacht ook nog een lange (55 km) tijdrit.
"Ja, ik denk dat iedereen uitkijkt naar zondag, als het echt voorbij is. De tijdrit is een kwestie van overleven, maar ik ga natuurlijk wel zo hard mogelijk fietsen."
Hij heeft een zekere reputatie als tijdrijder, werd vorig jaar een keer tiende in de Vuelta en vertegenwoordigde Nederland op het onderdeel tijdens het WK in Verona (23e). "Ik hoop straks in Madrid weer erbij te zijn maar ik heb concurrentie binnen de eigen ploeg, van Erik en Thomas Dekker." Die strijd is geen extra motivatie voor de rit van zaterdag. "Het is van ondergeschikt belang. Ik ben hier om de bollentrui van Rasmussen en zijn derde plaats te verdedigen. Ik heb iets te veel met mijn snufferd in de wind gereden om topfit aan de tijdrit beginnen."
Bron: De Telegraaf
|
|