In de media

Uit De Twentsche Courant Tubantia 3 juni 2006

Hengelo als basis voor Tour

Zaterdag zit Joost Posthuma in het vliegtuig dat hem naar de Dauphiné Libéré brengt, vrijdagavond reed-ie in zijn Nacht van Hengelo. ‘Niet ideaal? Ach... hier rijden is superspeciaal.’

Joost Posthuma staat voor een belangrijke periode in zijn wielerjaar. Zijn voorjaar, het eerste deel van het seizoen, heeft de 25-jarige Hengeloër met een tevreden gevoel afgesloten. Na een korte rustperiode pakte de tweedejaars profrenner van de Rabobankformatie de draad weer op in de Ronde van Catalonië. Samen met de Dauphiné, die morgen begint met een vier kilometer lange proloog, en de ploegentijdrit in Eindhoven staat alles in het teken van de Tour de France. De tweede voor Posthuma. In het voorbereidingsprogramma van de Ronde van Frankrijk stond dus ook de Nacht van Hengelo. ‘Gewoon’ een van de vele rondjes om de kerk, maar voor Posthuma eentje met een bijzondere waarde. ‘Het is de ronde in mijn eigen geboortestad, die wil ik niet missen. Zoveel wedstrijden rijd ik niet in Nederland en als er dan ook nog een race is in je eigen stad, is het helemaal mooi.’ Hij zegt daar veel waarde aan te hechten. ‘Voor al die mensen die mij volgen via de krant, televisie of internet, is het nu leuk dat ze ons zelf in actie kunnen zien. Met name voor die fans is het mooi om hier te rijden. Vanmorgen was ik mijn koffer aan het inpakken voor de Dauphiné toen ik merkte dat de scheergel op was. Ben ik even de stad in geweest om nieuwe te kopen. Waren ze het parcours aan het opbouwen, dan krijg je echt wel zin om te gaan koersen.’
Vorig jaar maakte de jonge Raborenner echt naam in de wielerwereld met een etappezege in de Pro Tour-wedstrijd Parijs-Nice, winst in de GP Jef Scherens en... de Nacht van Hengelo. Dit jaar lukte het Posthuma net niet opnieuw een rit in de Franse rit naar de zon op zijn naam te schrijven, hij werd tweede. ‘Ik merk nu wel dat mijn plek in het peloton anders is geworden, ze kijken anders naar me. Zelf heb ik daar helemaal geen problemen mee, ik doe mijn werk voor de ploeg en als het kan probeer ik voor m’n eigen kansen te gaan. Zoals in het openingsweekend van dit seizoen, toen ik zowel in Het Volk als in Kuurne-Brussel-Kuurne voorin gekoerst heb. In de klassiekers Parijs-Roubaix, de Amstel Gold Race en Luik-Bastenaken-Luik heb ik gereden voor Boogerd en Freire. Dan is het wel jammer dat die mannen het dan niet afmaken. Maar ja, hoort er ook bij.’
Met in de benen de negentig kilometer van Hengelo, waarin ploeggenoot Erik Dekker - bezig aan zijn laatste jaar - de snelste was voor Max van Heeswijk en ‘good old’ Maarten den Bakker, gaat Posthuma (gisteravond vijfde) in Frankrijk verder met zijn voorbereiding. Zijn naam staat al op het lijstje met mogelijke Tourdeelnemers, samen met acht anderen. ‘Niets is nog zeker, dus ik ga er keihard mijn best voor doen.’

Bron: De Twentsche Courant Tubantia


 

 

 

Copyright www.joostposthuma.nl